Particulieren  >  Diagnostiek  >  Iriscopie / ogendiagnose

Iriscopie / ogendiagnose

De iriscopie als methode van diagnostiek, berust, evenals reflextherapieën, op het feit, dat de mens vrijwel direct na de bevruchting van de eicel door de zaadcel, zichzelf voortdurend kopieert. We vinden zodoende het gehele lichaam in diverse delen weerspiegeld. Behalve de ogen zijn dat bijvoorbeeld de voeten, de handen, de oren, de neus enzovoort. We krijgen dus in dit geval in de ogen een “plaatje” van de hele mens te zien.
Iriscopie is eigenlijk een achterhaald en te beperkt begrip omdat tegenwoordig niet alleen de iris maar het gehele oog inclusief het oogwit, de oogleden en de beharing in de beoordeling worden betrokken. We spreken daarom liever van ogendiagnose.
De ogendiagnose geeft uitsluitsel over erfelijke, aangeboren en verworven lichamelijke zwakten. Verder kunnen voor wat betreft de psychische geaardheid en mogelijke problemen conclusies worden getrokken. Het is een buitengewoon waardevol hulpmiddel bij het vaststellen van de gezondheidstoestand en het stellen van een diagnose. Het is minder geschikt als controle bij het verloop van een ziekte omdat wijzigingen in de ogen zich niet of zeer traag manifesteren.
Het is niet verantwoord, zoals wel gebeurt, de iriscopie als enig middel van diagnostiek te gebruiken. Alle bevindingen behoeven om bevestigd te kunnen worden, de ondersteuning van andere diagnostische methoden.

Dit onderzoek maakt standaard deel uit van "Gezond afvallen" en het "Preventief biologisch-geneeskundig onderzoek".